Stevig als een steen

Je hoeft niet hard te worden om te blijven staan.

Lachend en zingend gingen we de gangen door. Jij voorop. Ik achter je aan. ‘Ja, wij zijn de cliniclowns en we komen naar je toe.’ Onze zieke vriendin kon ons al van ver aan horen komen. De rest van het ziekenhuis trouwens ook.

Zingend stonden we ook achter de bar op de manege. Deelden gekkigheid uit alsof het bier was. Het hoogtepunt van onze act was de Nederlandse versie van Solid as a rock. Stevig als een steen.

Als de muziek ophield, luisterde ik. Naar wat er misging. Naar je boosheid en soms zelfs je schreeuwen.

Jaren waren we zo samen. En toen ook jarenlang niet meer. Gewoon omdat het soms zo gaat. 

Een paar jaar geleden stuurde je een appje. Hoe het ging. Ik vertelde over het samenwonen, de dieren en mijn werk. Maar ook over de ambulance, de opnames en de ziekte die nooit meer weg zou gaan. 

Je vloekte.

Je schold. 

Ik fronste. Daar kon ik niets mee. 

Toen kwamen de wilde plannen weer. Steeds opnieuw. Alsof we het nog eens over moesten doen. De gekke grappen en het lachen. En wanneer kon ik dan? Ik kon het oprecht niet zeggen. 

Jij wel.

‘Het gaat al jaren zo met jou en het is allemaal gelul,’ appte je. 

Ik voelde een steek. Met één zin deed je alles wat ik met je had gedeeld af als onzin. 

In plaats van boos werd ik stil. Ineens wilde ik helemaal niks meer met je delen. 

‘Fijn dat jij in ieder geval precies weet hoe het zit,’ appte ik. Ik wenste je daar verder veel succes mee. 

En toen heb ik de deur dichtgedaan. 

Niet met een klap.

Niet schreeuwend. 

Maar gewoon stevig. 

Klik.

Klaar.