De reisleider
Voormalig chaoot wordt reisleider. Zonder cursus.
Je herkent ze meteen.
Praktische sandalen met ademende sokken. Een ANWB-jas. Een bordje of paraplu waarachter de groep zich vanzelf verzamelt.
Ze weten hoe laat je moet vertrekken. Hoe de route loopt en wat er moet gebeuren als er iets misgaat.
We noemen die persoon voor het gemak even de reisleider.
Ik doe niet aan ANWB-jassen en mijn schoenen zijn standaard Adidas. Toch ben ik er blijkbaar ook eentje geworden.
Een reisleider is onmisbaar. Tot hij zo druk is met de route dat hij vergeet zelf ook op reis te zijn.
Ik was vroeger een chaoot.
Ik vergat afspraken. Maakte enveloppen niet open. En wist zelden waar ik moest zijn.
Ik ben niet de reisleider geworden omdat ik daar talent voor had. Ik ben het geworden omdat niemand anders de route had uitgezocht.
Ik ontdekte dat dromen niet uitkomen door de welwillendheid van het universum. Ze komen dichterbij omdat iemand opstaat.
Omdat iemand belt.
Omdat iemand blijft reageren, ook na zesentwintig afwijzingen.
Omdat iemand blijft zoeken als de weg dood lijkt te lopen.
Tot er geen opties meer zijn.
Het is vast fijn om toerist te zijn. Een beetje rondkijken, foto’s en grapjes maken. Misschien denken ze dat ik graag de reisleider ben.
Maar ook met een bus vol toeristen voel ik me wel eens alleen. Alleen zijn en alles alleen doen zijn twee verschillende dingen.
De waarheid is dat ik zelden om hulp vraag.
Dat zoek ik ook niet.
Ik verlang naar iemand die de kaart erbij pakt
en zegt:
“Laten we samen deze kant op gaan.”