Tot op de bodem

Verhalen uit de diepte. Over wat schuurt, breekt en blijft.

Overlopen

Misschien dacht ik onbewust dat mijn bingo-kaart voor lichamelijke defecten al wel vol was. Met een opgeruimd gemoed ging ik daarom naar de afspraak met mijn longarts. Na twee pittige longontstekingen, luchtweginfecties en andere malaise in het algemeen voelde ik me nu eindelijk beter. Geen reden dus om te denken dat zij me iets anders ging vertellen.

 

Na een eerste positieve bevestiging ging ze verder, over het bloedonderzoek waar ze om gevraagd had, en leek haar kantoor langzaam vol met water te lopen.  Terwijl ik probeerde te luisteren kroop het omhoog langs mijn enkels, naar mijn knieën en trok de kou langzaam in me op. Het raakte mijn kin en vulde mijn oren toen ze begon te vertellen dat dit ergens een overwinning was. Dat het anders nooit ontdekt zou zijn.

 

Helemaal onder water leek haar gezicht anders. Ik zag haar mond bewegen, maar de woorden kwamen vervormd bij me aan. Het licht was blauw, zo koud, en ik wilde iets zeggen maar ik kreeg geen lucht. Ik knikte. Ja natuurlijk. Overwinning. Ik kan zo naar boven zwemmen. Maar haar woorden gingen verder terwijl ik me krampachtig vasthield aan mijn stoel.

 

Ze noemde het bij naam. Vier letters. Alsof het een postcode was waar ik nooit vrijwillig naartoe zou verhuizen. CVID. Dat had ik gekregen. En dat ging nooit meer weg. Ze overspoelde me met antibiotica, onderliggende redenen, maandelijkse infusen, scans en internisten. Mijn lijf zou niet meer gezond worden, maar met al die dingen beter worden gehouden.

 

Met de vier letters nog in mijn hand wist ik door de stroom de deur te bereiken en kwam happend naar adem boven. Ik vluchtte naar het dichtstbijzijnde toilet. Druppend in de wastafel, tranen of al dat water - wie zal het zeggen, probeerde ik mezelf bij elkaar te rapen. Keek voorzichtig in de spiegel, maar daar stond iemand anders. En haar zou ik voortaan moeten zijn.

 

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.

Reactie plaatsen